U bent hier: Departement Werktuigkunde Onderwijs Bachelor

De bacheloropleiding Werktuigkunde

Binnen de faculteit Ingenieurswetenschappen bestaat de bacheloropleiding voor alle richtingen (behalve architectuur) uit 3 gemeenschappelijke semesters (semesters 1&2, semester 3) . Voor de volgende 3 semesters kiezen de studenten een hoofd- en nevenrichting. Elke hoofd- en nevenrichting verleent zonder meer toegang tot de overkomstige masterrichting. De hoofdrichtingen onderscheiden zich voornamelijk door 6 specifieke specialiteitsopleidingsonderdelen (36 studiepunten) en de inhoud van het vak 'Probleemoplossen en ontwerpen' (P&O) (12 studiepunten). Dit wordt aangevuld met enkele specifieke basisopleidingsonderdelen en algemeen vormende opleidingsonderdelen. De nevenrichting bevat 4 van de 6 specifieke specialiteitsopleidingsonderdelen.

De 6 specialiteitsopleidingsonderdelen uit de hoofdrichting Werktuigkunde

Werktuigkunde zet de wereld om ons heen in beweging, door het omvormen van energie in een bruikbare vorm, en het ontwerpen en bouwen van machines en instrumenten voor het genereren van gewenste acties. De bacheloropleiding legt de basis voor ingenieurs die het inzicht in de mechanica van vaste stoffen en fluïda kunnen combineren met kennis uit andere disciplines. In deze opleiding komen zowel de sterkte en de dynamica van de machinestructuren als de stromings-, thermo- en elektrotechnische aspecten binnen installaties en processen aan bod, met aandacht voor de maatschappelijk en milieutechnische impact. Naar jarenlange traditie binnen de opleiding werktuigkunde, bieden de vakken 'Probleemoplossen en Ontwerpen' de kans deze kennis te integreren (waar mogelijk interdisciplinair met de nevenrichting) in een zelf te kiezen, uit het industrïele leven gegrepen ontwerpopdracht.

bachelor-figuur11.jpg bachelor-figuur12.jpg bachelor-figuur13.jpg bachelor-figuur14.jpg
bachelor-figuur21.jpg bachelor-figuur22.jpg bachelor-figuur23.jpg bachelor-figuur24.jpg
bachelor-figuur31.jpg bachelor-figuur32.jpg bachelor-figuur33.jpg bachelor-figuur34.jpg

Overzicht van de combinaties met hoofd- of nevenrichting Werktuigkunde

Bijgaande tabel geeft een overzicht van de mogelijke combinaties met werktuigkunde. Voor elk opleidingsonderdeel geeft deze tabel de omvang aan in de vorm van studiepunten, uren hoorcollege en uren oefeningen/practica/seminaries, en, in de matrix zelf, het semester waarin het gedoceerd wordt.

Aansluiting naar de masteropleidingen

De bacheloropleiding met hoofd- of nevenrichting Werktuigkunde geeft zeker toegang tot de master Werktuigkunde, maar ook tot andere masters van de faculteit. De aansluitingstabel geeft een overzicht van de mogelijkheden.

Vragen in verband met de bacheloropleiding werktuigkunde?

Hieronder vind je een antwoord op enkele veel gestelde vragen. Je kan je vraag ook steeds richten naar de programmadirecteur zelf, Dirk Vandepitte.

  • Hoe verloopt de P&O in de hoofdrichting Werktuigkunde?
    De studenten verdelen zichzelf in groepen van 3 of 4. De vrije keuze van teamgenoten biedt de beste kansen op een vlotte samenwerking in een ploeg. Vanuit de opleiding hebben we contacten gelegd met verschillende bedrijven die elk een concrete opdracht hebben geformuleerd. Deze opdracht betreft een mechanisch systeem of proces dat moet worden ontworpen binnen welbepaalde randvoorwaarden. Het gaat hierbij niet over een fictief idee, maar over een reëel product dat het bedrijf wil ontwikkelen of verbeteren. De aangeboden opdrachten zijn gevarieerd, en gespreid over de diverse sectoren van de werktuigkunde en aanverwante industrieën. Elke ploeg kiest zelf zijn opdracht, naar eigen voorkeur. We bieden voldoende opdrachten aan, zodat 3 of 4 teams in competitie kunnen werken. Onder begeleiding van een deskundig assistent bezoek je de contactpersoon in het bedrijf, die je de opdracht specifieert en die de randvoorwaarden omschrijft. Samen met je ploeggenoten bedenk je eerst een aantal concepten om het probleem op te lossen, je selecteert er nadien het beste uit, en dat ontwikkel je dan verder. Taakverdeling is een belangrijk aspect om de goede werking van de ploeg te garanderen. In de loop van het jaar overleg je enkele keren met de opdrachtgever, en op het eind van elk semester geeft elke ploeg een voorstelling van ongeveer 45 minuten over hun opdracht. Dit is dus echt ingenieurswerk, in realistische omstandigheden!

  • Welke is de ideale nevenrichting?
    Dat hangt van je eigen voorkeur af. Het vakkenprogramma is zo samengesteld dat je vanuit elke nevenrichting nog alle kanten uitkan. Je mag voor de nevenrichting dus je eigen belangstelling volgen.

  • Is Werktuigkunde een moeilijke richting?
    Niet moeilijker of gemakkelijker dan een andere. Misschien bestaat de indruk dat je in Werktuigkunde wat meer uren spendeert aan practica en aan P&O. Maar dat zijn nu precies de opdrachten die je het meest in contact brengen met de industriële praktijk, en het zijn onveranderlijk deze opdrachten waaraan je later de beste herinneringen behoudt.

  • En wat heb ik aan de nevenrichting Werktuigkunde?
    Werktuigkunde is ook nevenrichting voor elk van de hoofdrichtingen behalve bouwkunde. Het is voor elk van de hoofdrichtingen een attractieve aanvulling, die industrieel een zeer grote relevantie heeft. Net zoals bij de hoofdrichting Werktuigkunde biedt de nevenrichting heel wat beroepsmogelijkheden. Maar het is natuurlijk best dat je Werktuigkunde als hoofdrichting neemt.